Badkamer

Wastafel, bad en toilet: montage, maten en lekkage

Wastafel, badkuip en toilet hebben elk een eigen combinatie van wateraanvoer, afvoer en afdichting. De meeste lekkages zitten bij aansluitingen, pakkingen en kitnaden.

Op deze pagina lees je de montagevolgorde om een uitvoering te beoordelen, de gebruikelijke richtmaten en de typische lekplaatsen. Producthandleidingen zijn altijd leidend.

Zoek lekdetectiebedrijf in de buurt Veelgestelde vragen

In het kort

  • Bij wastafel, bad en toilet zitten de meeste lekken in aansluitingen: kraanslangen, hoekstopkranen, sifon, afvoerplug, overloop, afvoermanchet en de verbinding tussen reservoir en pot.
  • Maten als een wastafelhoogte van ongeveer 90 cm, een badrand van ongeveer 55 tot 65 cm en een toiletzitting van ongeveer 40 tot 45 cm zijn gebruikelijke richtmaten. Per product verschilt het, en de handleiding van de fabrikant en het ontwerp zijn leidend.
  • Test een wastafel niet alleen met een druppelend kraantje, maar ook met een gevulde bak die in één keer leegloopt. Test een bad en toilet voordat een ombouw of voorzetwand dichtgaat.
  • Een doorlopend toilet verliest water naar het riool zonder dat er vochtschade ontstaat. Water op de vloer tijdens het doorspoelen wijst eerder op een lek, al kan condens op een koud reservoir ook druppels geven.
  • Rioolwater, verborgen leidingen en inbouwreservoirs vragen om een vakman. Dit is uitleg om uitvoering te kunnen beoordelen, geen doe-het-zelf-handleiding.

Wastafel, bad en toilet: waar zit het lek?

Een lekkage bij sanitair is een ongewenste waterstroom bij een wastafel, badkuip of toilet die ontstaat op een aansluiting, afdichting of leidingdeel, en niet in het bedoelde afvoerpad. Het zijn de plekken waar drie systemen samenkomen: de drinkwateraanvoer, de afvoer en de bevestiging aan wand of vloer. Elke overgang is een mogelijke zwakke plek.

Deze pagina behandelt de vaste sanitaire toestellen zelf. Voor het grotere plaatje van een natte ruimte kijk je op de pagina over badkamerlekkage. Leidingen, douchegoten en waterdichting hebben eigen pagina's: leidingen, kranen en verwarming en douchegoot en doucheput.

Waarom sanitair vaker lekt dan je denkt

Sanitair wordt dagelijks gebruikt, verwarmd en afgekoeld, belast met gewicht en schoongemaakt met chemie. Rubbers verharden, kit trekt los en slangen verouderen. Daar komt bij dat veel verbindingen na de montage achter een meubel, ombouw of voorzetwand verdwijnen. Een kleine druppel wordt dan pas zichtbaar als de schade al zit.

Drie stromen die je uit elkaar moet houden

Bij een wastafel of toilet loopt schoon water naar het toestel toe, loopt vuil water weg en draagt de constructie het gewicht. Een druppel bij de kraan hoort bij de aanvoer en staat meestal permanent onder druk. Een druppel bij de sifon hoort bij de afvoer en komt pas op als er water wordt weggelaten. Een scheur in een kitnaad bij een bad hoort bij de bevestiging en beweging. Wie deze drie scheidt, vindt de oorzaak sneller.

Twijfel je waar het water vandaan komt? Bekijk hoe lekdetectiebedrijven dit uitzoeken →

Wastafel: uitvoeringen, materialen en hoogte

Een wastafel is het toestel waarmee je handen en gezicht wast en dat bestaat uit een bak, een kraan, een afvoerplug en een sifon die naar de afvoerleiding loopt. De uitvoering bepaalt waar de kwetsbare punten liggen.

Uitvoeringen en materialen

Wastafels zijn er wandhangend, op een zuil, geïntegreerd in een badkamermeubel of als opzetkom die bovenop een blad staat. Veelgebruikte materialen zijn sanitairkeramiek, solid surface, natuursteen, glas en composiet. Het materiaal zegt iets over gewicht, kans op haarscheurtjes en de manier van bevestigen, maar niet over de kwaliteit van de aansluitingen eronder.

Wandhangend en zuil

Bij een wandhangende wastafel draagt de wand het gewicht. De bevestigingspunten moeten uitkomen op een wand of draagconstructie die sterk genoeg is. Een losgekomen bevestiging laat de bak bewegen, en beweging belast kraan, sifon en kitnaad.

Meubel en opzetkom

Bij een badkamermeubel moeten afvoer en wateraansluitingen passen bij de indeling van het meubel. Een lade die tegen de sifon schuurt, drukt de afvoer langzaam scheef. Bij een opzetkom kom je regelmatig een lange afvoerplug of een kom zonder overloop tegen, wat de keuze van de plug beïnvloedt.

Hoogte van de wastafel

Als aanbevolen richtwaarde ligt de bovenzijde van een wastafel op ongeveer 90 cm, tenzij een meubel of zuil de hoogte vastlegt. Persoonlijke wensen kunnen aanleiding zijn om af te wijken, bijvoorbeeld bij kinderen of bij een lange gebruiker. Bij een opzetkom moet je de hoogte van de kom meetellen: alleen het meubel op 90 cm hangen levert een te hoge wastafel op. Een verkeerde hoogte is geen lekoorzaak, maar een achteraf verplaatste wastafel betekent vaak nieuwe boorgaten en aangepaste leidingen, en dat is wel een risico.

Wastafelmontage: de volgorde om uitvoering te beoordelen

Onderstaande volgorde geeft de hoofdlijn van een gebruikelijke montage. Het is geen opdracht om zelf aan te pakken, maar een kader om een monteur gericht vragen te stellen. De handleiding van het gekozen product is altijd leidend.

  1. Bepalen van hoogte, positie en benodigde aansluitruimte.
  2. Controleren van wandsterkte en bevestigingsmethode.
  3. Lokaliseren van verborgen leidingen vóór er geboord wordt.
  4. Monteren van de bevestigingen of het meubel.
  5. Plaatsen van kraan en afvoerplug volgens de producthandleiding.
  6. Positioneren en bevestigen van de wastafel, zonder het materiaal te forceren.
  7. Spanningsvrij aansluiten van warm en koud water.
  8. Monteren van sifon en afvoer met de juiste pakkingen.
  9. Afwerken van de wandaansluiting waar dat is voorgeschreven.
  10. Testen: eerst de aanvoer, daarna afvoer en overloop.

Waarom boren zonder lokaliseren misgaat

Leidingen liggen niet altijd waar je ze verwacht. Een boorgat in een waterleiding geeft een lek dat pas dagen later zichtbaar wordt. Leidingen opsporen voor het boren is daarom een onderdeel van de montage, en bij vloerverwarming of verwarmingsleidingen in de wand geldt hetzelfde.

Waarom spanningsvrij ertoe doet

Een kraanslang die strak gespannen staat of een sifon die schuin wordt ingedrukt, lekt vaak niet de eerste week. De spanning werkt op de afdichting, die na verloop van tijd zijn vorm verliest. Daarom zie je lekkages vaak maanden na een montage, niet erna.

Waar een wastafel kan lekken

De bekende punten zijn de kraanslangen, de hoekstopkranen, de afvoerplug, de overloop en de sifon. Bij een flexibele aansluitslang spelen veroudering, knikken, torsie en beschadiging mee. De slang moet inspecteerbaar blijven, dus niet achter een vaste achterwand weggewerkt zijn. Meer over koppelingen en slangen lees je op de pagina over leidingverbindingen.

De afvoerplug en de overloop

Een afvoerplug moet passen bij het type wastafel, met of zonder overloopvoorziening. Een plug voor een bak met overloop in een bak zonder overloop (of omgekeerd) kan water langs de rand of naar een plek leiden waar het niet bedoeld is. Een overloopkanaal dat verstopt of beschadigd is, merk je pas als het water hoog staat.

Waarom de volle-bak-test beter is

Test een wastafel niet alleen met een klein straaltje, maar ook met een gevulde bak die je in één keer laat leeglopen. Een verbinding kan bij een kleine waterstroom droog blijven en bij een grote stroom lekken, omdat de sifon dan vol raakt en de druk op de afdichtingen toeneemt. Zie ook de pagina over sifons en afvoerverbindingen.

Blijft een vochtplek terugkomen onder de wastafel? Laat de oorzaak vaststellen door een lekdetectiebedrijf →

Badkuipen: materialen en lekplaatsen

Een badkuip is een vaste waterbak voor baden, uitgevoerd in acryl, geëmailleerd staal, gietijzer, solid surface of composiet, en die vrijstaand, ingebouwd of tegen een wand geplaatst kan zijn. Bij een bad lekt zelden de bak zelf. De problemen zitten in de aansluitingen en in de bevestiging.

Waar een bad kan lekken

Lekkage kan ontstaan bij de badafvoer, de overloop, de sifon, de badkraan of de aansluitende waterleidingen. Bij ingebouwde baden is ook de overgang tussen badrand en wand een gevoelig punt. Een bad vult zich met veel water, dus een lekkende verbinding die bij een douche nog droog blijft, kan bij een gevuld bad wel een plas opleveren.

Afvoer en overloop

De afvoer en de overloop zijn twee wegen naar dezelfde sifon. Als een van beide een slechte afdichting heeft, lekt het alleen bij een bepaalde waterstand. Dat verklaart waarom een bad bij het leeglopen soms niets laat zien, terwijl het bij een gevulde kuip wel lekt.

Badkraan en wandaansluitingen

Een badkraan op de rand of aan de wand heeft eigen aansluitingen. Bij een kraan in de wand kunnen het inbouwdeel en verborgen verbindingen lekken. Zie hiervoor de pagina over leidingen en kranen in de badkamer.

Ondersteuning en kitnaad

Een onvoldoende ondersteund bad beweegt wanneer iemand instapt. Die beweging scheurt de kitnaad tussen badrand en wand. Het water loopt dan niet zichtbaar naar buiten, maar langs de bak naar de vloer of de wand. Een kitnaad is daarom een gevolg van de ondersteuning, niet de oplossing: opnieuw kitten zonder de beweging aan te pakken, geeft dezelfde scheur terug.

De badrandafdichting

Bij sommige badsystemen hoort achter de zichtbare afwerking een afzonderlijke badrandafdichting. Dat is een extra laag die water tegenhoudt dat achter de tegelrand of kit komt. Of dat bij jouw bad voorgeschreven is, staat in de producthandleiding. Een zichtbare kitrand alleen is bij zo'n systeem niet voldoende.

Hoogte van de badrand

Een gebruikelijke orde van grootte voor de bovenzijde van een badrand is ongeveer 55 tot 65 cm. Dat is geen vaste montage-eis. De hoogte wordt bepaald door het model, de poten of ondersteuning en de beschikbare afvoerhoogte. Een bad dat te laag staat, kan te weinig afschot voor de afvoer opleveren.

Test vóór de ombouw dichtgaat

Houd afvoer en overloop bereikbaar. Test ze voordat een ombouw wordt afgetegeld en opnieuw onder gebruiksomstandigheden, dus met een gevuld bad dat wordt leeggelaten. Een revisieluik of afneembaar paneel bij de afvoer kan achteraf veel breekwerk schelen.

Wat je aan de ombouw kunt vragen

Vraag of de afvoer van het bad en de sifon bereikbaar blijven, en waar een eventueel luik zit. Een ombouw die volledig dicht is, vergroot de kans dat een klein lek lang onopgemerkt blijft.

Toiletlekkage: wc-pot, stortbak en riolering

Een toiletlekkage is een ongewenste waterstroom bij een wc die uit de wateraanvoer, het spoelwater of de vuilwaterafvoer komt. Bij een toilet zijn die drie onderdelen afzonderlijk aanwezig, en ze lekken op verschillende manieren.

Mogelijke lekplaatsen

  • De wateraansluiting op het reservoir.
  • De stopkraan en de aansluitslang.
  • Het reservoirhuis of een afdichting daarin.
  • De verbinding tussen reservoir en staande wc-pot.
  • De spoelbuis van een wandcloset.
  • De afvoermanchet achter of onder de wc-pot.
  • Een beschadiging in het keramiek.
  • Een rioolverbinding achter de voorzetwand.

Aanvoerzijde: drinkwater

Lekken bij de stopkraan en de aansluitslang staan onder druk en druppelen dus door, ook als niemand spoelt. Dat maakt ze goed herkenbaar: de plek is altijd nat of de druppel komt steeds terug.

Afvoerzijde: vuil water

Lekken bij de afvoermanchet of de rioolverbinding verschijnen alleen tijdens of na het doorspoelen. Daardoor lijkt een toilet urenlang in orde en lekt het op het moment dat het gebruikt wordt.

Doorlopend toilet versus lekkend toilet

Een toilet dat blijft doorlopen, kan water rechtstreeks naar de rioolafvoer verliezen zonder zichtbare bouwkundige vochtschade. Dat kost wel water en je hoort of ziet het in je waterverbruik, maar de muur en vloer blijven droog. Water op de vloer tijdens het doorspoelen wijst eerder op een externe lekkage. Condensatie op een koud reservoir kan echter ook druppels vormen, vooral bij warm weer of na een koude spoeling. Dit onderscheid is het eerste wat je moet maken voordat iemand een afdichting vervangt.

Condens onderscheiden van een lek

Condens zit aan de buitenzijde van een koud oppervlak en verschijnt vaker op vochtige dagen. Een echt lek volgt een vaste route, bijvoorbeeld een verbinding of een manchet. Het patroon over meerdere dagen zegt meer dan één waarneming.

Hygiëne bij rioolwater

Rioolwaterlekkage vraagt om een zorgvuldige, hygiënische aanpak. Vuil water bevat ziekteverwekkers en laat geur en vervuiling achter in vloer en wand. Zo'n lek hoort bij een vakman, die ook weet wat er met de aangetaste materialen moet gebeuren. Meer over afvoerverbindingen vind je op de pagina over afvoerlekkage.

Wandcloset: montage en wat misgaat

Een wandcloset is een hangend toilet dat aan een installatie-element in de wand is bevestigd, met het reservoir verborgen achter de afwerking. Omdat de aansluitingen achter de wand verdwijnen, zijn de fouten bij de montage achteraf moeilijk te herstellen.

Volgorde om uitvoering te beoordelen

De dragende bevestiging moet geschikt zijn voor de vloer- en wandconstructie. Onderstaande volgorde geeft de hoofdlijn. De handleiding voor het betreffende reservoir en systeem is leidend.

  1. Bepalen van de gewenste hoogte vanaf de toekomstige afgewerkte vloer.
  2. Stellen en bevestigen van het installatie-element volgens de fabrikant.
  3. Aansluiten van wateraanvoer en rioolafvoer.
  4. Testen van de aansluitingen voordat de wand sluit.
  5. Aanbrengen van de voorgeschreven wandopbouw.
  6. Afwerken van de badkamer.
  7. Meten en korten van de spoel- en afvoeraansluitstukken volgens de handleiding.
  8. Ontbramen van de buizen en plaatsen van geschikte afdichtingen.
  9. Monteren van de pot zonder scheve belasting.
  10. Aandraaien van de bevestigingen volgens het voorgeschreven moment.
  11. Testen met meerdere spoelingen en controleren op vocht.

De test vóór de wand dicht gaat

Het moment waarop aansluitingen worden getest is belangrijk. Zodra de wand is dichtgemaakt, betekent elk lek breekwerk. Een test van wateraanvoer en afvoer in de open fase is dus het goedkoopste moment om een fout te vinden.

Te korte of te lange buizen

Te korte spoel- en afvoerbuizen steken onvoldoende in de afdichtingen. Het water vindt dan een weg langs de rubber. Te lange buizen veroorzaken spanning, doordat de pot niet recht kan aansluiten. Beide fouten ontstaan door het kortingsmoment, dat daarom volgens de handleiding van het gekozen systeem moet gebeuren.

Ontbramen en afdichtingen

Een bram aan de rand van een afgekorte buis kan een rubberen afdichting beschadigen terwijl de pot wordt geplaatst. Het lek is dan niet direct zichtbaar, maar ontstaat bij gebruik.

Aandraaien volgens voorschrift

De bevestigingen worden aangedraaid volgens het voorgeschreven moment. Te los geeft beweging, te strak kan het keramiek of een onderdeel beschadigen. Een precieze waarde staat in de handleiding van het product, en deze pagina noemt er bewust geen.

Controleren na de afwerking

Na de montage spoel je meerdere keren en kijk je naar de randen van de pot, de wand en de vloer eronder. Het gaat om herhaling: een manchet die één keer droog blijft, kan bij de derde spoeling vochtig worden. Lees ook de pagina over badkamertypes en afwerkingen voor wat een voorzetwand voor de bereikbaarheid betekent.

Staande wc: afvoer, zithoogte en maten

Een staande wc is een toilet dat op de vloer staat en bestaat uit een pot met een aansluiting op de hoofdafvoer, al dan niet met een apart reservoir. Het aansluitstuk bepaalt welke pot je kunt gebruiken.

Horizontale of verticale afvoer

Bij een staand toilet moet eerst worden bepaald of de afvoer horizontaal naar de wand of verticaal naar de vloer loopt. Het gekozen aansluitstuk moet daarbij passen. Een pot met een verkeerde afvoerrichting kun je met een aanpassing op de leiding gaan aansluiten, maar dat is een noodoplossing met extra verbindingen en dus extra lekplaatsen.

Geen kit als vervanging

Gebruik geen extra kit als vervanging voor een verkeerde of beschadigde afvoeraansluiting. Kit dicht een zichtbare naad, maar maakt een afvoermanchet niet vanzelf waterdicht en dekt het echte probleem af. Dat maakt het later lastiger om het lek te vinden.

Controles bij een staand toilet

Controleer de stand van de pot, de bevestiging, de afvoermanchet en eventuele reservoirverbindingen. Een pot die wiebelt, belast de manchet en de verbinding met het reservoir. De bevestiging aan de vloer moet de pot stabiel houden zonder het keramiek onder spanning te zetten.

Zithoogte en afvoermaten

Een gebruikelijke bovenzijde van de toiletzitting ligt ongeveer 40 tot 45 cm boven de afgewerkte vloer. Een hogere uitvoering kan comfortabeler zijn, afhankelijk van de gebruiker. Voor hoofdafvoeren worden vaak nominale maten rond 90 of 110 mm toegepast. De aansluiting op de pot kan een andere systeemmaat hebben. Bepaal de maat daarom aan de hand van product en afvoerontwerp, niet alleen op basis van een algemene tabel. Voor afvoermaterialen en maten lees je meer op de pagina over afvoermaterialen en afmetingen.

Wil je een rapport voor je verzekeraar of aannemer? Vraag een lekdetectiebedrijf naar de rapportage →

Overzicht: sanitair, lekplaats en wat je merkt

Onderstaande tabel vat samen waar bij elk toestel de gebruikelijke lekplaatsen zitten en wanneer je het lek merkt. Het is een ruwe indeling; in de praktijk komen combinaties voor.

ToestelGebruikelijke lekplaatsWanneer merk je het?
WastafelKraanslang, hoekstopkraan, sifon, afvoerplug, overloopAanvoer: continu. Afvoer: bij leeglopen, vooral met een volle bak
BadkuipAfvoer, overloop, sifon, badrand-kitnaadBij vullen, leeglopen of instappen
WandclosetSpoelbuis, afvoermanchet, reservoir achter de wandBij doorspoelen, of continu bij een aanvoerlek
Staande wcAfvoermanchet, reservoirverbinding, bevestigingBij doorspoelen en bij beweging van de pot
Doorlopend toiletSpoelklep of vlotter in het reservoirGeen schade, wel hoger waterverbruik

Lekken herkennen: wat past bij welk verschijnsel

De plek van zichtbaar vocht is niet automatisch de plek van het lek. Water volgt leidingen, vloernaden en constructiedelen voordat het naar buiten komt. Gebruik de tabel hieronder als eerste oriëntatie, niet als diagnose.

Eerst het patroon, dan de plek

VerschijnselPast vaker bijLet ook op
Altijd nat, ook zonder gebruikAanvoerleiding, stopkraan, kraanslangEen watermeter die blijft bewegen terwijl niets wordt gebruikt
Nat na het leeglopen van de wastafel of het badSifon, afvoerplug, overloopEen afvoer die langzaam wegloopt, wat opstuwing en lek kan versterken
Nat na het doorspoelenAfvoermanchet, spoelbuis, rioolverbindingGeur, wat op een vuilwaterlek wijst
Druppels op een koud reservoir of koude leidingCondensOf de druppels bij vochtig weer verschijnen en verdwijnen
Scheurende kit bij het badBeweging door onvoldoende ondersteuningVocht langs de badrand of in de ondervloer

Noteer wat je ziet

Schrijf op wanneer de plek nat is, hoe groot, of er een geur is en wat er vlak daarvoor gebeurde, zoals een douche, spoeling of verbouwing. Maak foto's met datum. Dat helpt de onderzoeker, en het is later onderbouwing voor een verzekeraar.

Houd de watermeter in de gaten

Een watermeter die blijft bewegen terwijl alle kranen dicht staan, wijst op een lek in de aanvoer of op een doorlopend toilet. Het zegt nog niet waar. Als het alleen een doorlopend toilet blijkt, is er geen schade, maar wel waterverbruik.

Veelgemaakte fouten en mythes bij sanitairlekkage

Een mythe is een aanname die logisch klinkt maar de oorzaak mist. Bij sanitair zie je steeds dezelfde.

Kit lost het op

Kit dicht een naad, geen defect onderdeel. Bij een lekkende sifon of manchet verbergt extra kit het lek tijdelijk. Een dun laagje nieuwe kit over bestaande kit geeft doorgaans geen betrouwbare nieuwe aansluiting; oude kit moet zorgvuldig worden verwijderd en de ondergrond moet schoon, droog en geschikt zijn. De uithardingstijd hangt af van het product en de omstandigheden.

Het lekt alleen bij een grote stroom, dus het is niet erg

Een verbinding die bij een kleine stroom droog blijft, kan bij een gevulde bak of bad wel lekken. Dat is geen toeval, maar een zwakke afdichting. Het water gaat ook in dit geval ergens heen, vaak in een kast of ombouw.

Het toilet loopt door, dus er is een lek in de muur

Een doorlopend toilet verliest water naar het riool, niet naar de wand. Vochtschade in de muur duidt op een ander probleem. Beide kunnen tegelijk bestaan, dus controleer apart.

De plek van het vocht is de plek van het lek

Dit is de meest gemaakte denkfout. Schimmel in een slaapkamer of een gevlekt plafond beneden zegt dat er water is, niet waar het vandaan komt. Zie ook herkennen, oorzaken en soorten voor het verschil tussen condens en lekkage.

Schimmel is niet altijd een lek

Schimmel kan ook door condensatie ontstaan. Een duidelijke relatie met douchen of doorspoelen kan op een lek wijzen, maar is geen sluitend bewijs.

Onderzoek en herstel bij wastafel, bad en toilet

Onderzoek naar sanitairlekkage is het stap voor stap uitsluiten van mogelijke bronnen, zodat de oorzaak wordt vastgesteld voordat er wordt gebroken. Werkwijze, methoden en rapportage verschillen per bedrijf, en een lek is niet altijd zonder breekwerk te vinden.

Hoe een onderzoek vaak verloopt

Een onderzoeker begint met vragen: is de plek voortdurend nat, alleen na het douchen of vooral na het doorspoelen? Begon het na een renovatie of vervanging van sanitair? Daarna worden onderdelen apart bekeken, zoals wastafel, bad en toilet, aangevuld met vochtmeting en eventueel thermografie, drukonderzoek of camera-inspectie waar dat past.

Een vochtmeter is een indicatie

Een vochtmeter toont een vochtindicatie, geen exacte lekpositie. Een infraroodcamera laat temperatuurverschillen zien. De bevindingen moeten gezamenlijk worden beoordeeld. Meer over methoden vind je op de pagina over onderzoek, herstel en voorkomen en over inspectie van de badkamer.

Waterproeven beheerst uitvoeren

Bij bestaande schade moeten waterproeven beheerst gebeuren om verdere verspreiding te beperken. Een wilde proef met veel water kan het probleem groter maken.

Herstel volgt uit de oorzaak

Het herstel is afhankelijk van wat is vastgesteld: een koppeling vervangen, een afvoer herstellen of een kitnaad vernieuwen. Na het herstel controleer je of het lek werkelijk stopt, en daarna beoordeel je het achtergebleven vocht. Een oppervlak kan droog lijken terwijl de dekvloer of de wandconstructie nog nat is. Direct overschilderen of laminaat leggen op een onvoldoende droge ondergrond kan tot terugkerende schade leiden.

Wie doet wat

Een lekdetectiebedrijf stelt vast waar het water vandaan komt, een loodgieter herstelt leidingen en afvoeren, een tegelzetter herstelt tegelwerk en voegen, en bij vermoedelijke constructieproblemen kan bouwkundig onderzoek nodig zijn. Aan elektrische installaties werkt alleen een vakman, zeker als water bij een lichtpunt of stopcontact komt.

Verzekering, melden en bewijs bewaren

Of schade door een lek wordt gedekt, hangt af van je polis. Een verzekering vergoedt vaak plotselinge schade, maar sluit regelmatig slijtage of achterstallig onderhoud uit. Er kan een eigen risico gelden.

Eerst melden, dan herstellen

Meld de schade bij je verzekeraar voordat je gaat herstellen, tenzij direct handelen nodig is om erger te voorkomen. Vraag wat de polisvoorwaarden zeggen en wat de verzekeraar nodig heeft. Een rapport met bevindingen kan als onderbouwing helpen. Meer over dit onderwerp staat op de pagina voor verzekeraars.

Wat je bewaart

Bewaar foto's van de schade, de onderzoeksbevindingen en informatie over het herstel, plus facturen. Dat voorkomt discussie over oorzaak en omvang.

Samenvatting en volgende stap

Bij wastafel, bad en toilet zit het lek meestal in een aansluiting en niet in het toestel. Onderscheid aanvoer, afvoer en bevestiging, test een wastafel en bad ook met een grote waterstroom, en laat aansluitingen van een wandcloset testen voordat de wand sluit. Gebruikelijke richtmaten, zoals ongeveer 90 cm voor de wastafel, ongeveer 55 tot 65 cm voor de badrand en ongeveer 40 tot 45 cm voor de zitting, verschillen per product, en de handleiding van de fabrikant en het ontwerp zijn leidend.

Zie je vocht, een muffe geur of terugkerend waterverlies, zoek dan eerst de oorzaak voordat je overschildert, opnieuw kit of nieuwe vloer legt. Voor het totale plaatje kun je terug naar de pagina over waterleidinglekkage of de badkamerlekkage.

Klaar om de oorzaak te laten vaststellen? Vind een lekdetectiebedrijf →

Veelgestelde vragen: wastafel, bad en toilet

Hoe hoog hangt een wastafel?

Als aanbevolen richtwaarde ongeveer 90 centimeter voor de bovenzijde, tenzij meubel of zuil de hoogte bepaalt. Bij een opzetkom telt de kom mee.

Waarom lekt een toilet?

Mogelijke plekken zijn de wateraansluiting, het reservoir, de verbinding reservoir-pot, de afvoermanchet of een rioolverbinding achter de wand.

Is een doorlopend toilet een lek?

Het verliest water naar de riolering zonder bouwkundige vochtschade, maar geeft wel verbruik en vraagt herstel.

Hoe test je een wastafel na montage?

Eerst de aanvoer, dan de afvoer en overloop, en een gevulde bak die in één keer wordt leeggelaten.

Lees ook over deze onderwerpen

Alle onderwerpen bekijken →

Badkamerlekkage? Zoek hulp bij jou in de buurt

Vul je postcode of plaats in en bekijk de lekdetectiebedrijven in je regio.

Zoek lekdetectiebedrijf bij mij in de buurt